De Verenigde Staten lopen achter op het gebied van kunstmatige intelligentie (AI), zegt de opgestapte softwarechef van de Amerikaanse luchtmacht Nicolas Chaillan tegen de Financial Times. Volgens hem is China niet meer in te halen en is er "een goede reden om boos te zijn".

Chaillan werkte de afgelopen jaren binnen de strijdkrachten aan manieren om de cyberveiligheid te verbeteren. De voormalige chief software officer van de luchtmacht zegt dat hij vorige week opstapte uit protest tegen het trage tempo waarin het leger een technologische transformatie doormaakt. Ook kan hij naar eigen zeggen niet aanzien dat de VS door China wordt voorbijgestreefd.

De 37-jarige Chaillan denkt dat de VS zich over vijftien tot twintig jaar niet meer kan meten met China. "Het is nu al een gelopen race. Het is al voorbij, in mijn ogen." Hij waarschuwt dat de cyberveiligheid binnen sommige overheidsdiensten nog op het niveau van een kleuterschool zit. Verdere details noemt hij niet.

De voormalige topfunctionaris wil binnen enkele weken voor het Amerikaanse parlement getuigen over het Chinese cybergevaar voor de VS. Het land geeft veel meer geld uit aan defensie dan China, maar volgens Chaillan gebeurt dat niet op een effectieve manier. Ook zou de bureaucratie noodzakelijke hervormingen in de weg staan.

Volgens de voormalige chief software officer zijn technologieën als kunstmatige intelligentie veel belangrijker voor de toekomst van de VS dan bijvoorbeeld nieuwe straaljagers, zoals de F-35. Hij noemt de discussie over ethiek bij de ontwikkeling van kunstmatige intelligentie een remmende factor in de VS. Ook zouden bedrijven als Google terughoudend zijn bij de samenwerking met het leger op AI-gebied.

De situatie in China ziet er volgens Chaillan heel anders uit. Daar moeten bedrijven volgens de expert verplicht samenwerken met de autoriteiten en wordt er "enorm geïnvesteerd" zonder rekening te houden met ethiek.